© Gasbij.nl ( Alles van deze pagina mag u delen, als het maar positieve reclame is )
Reglement 2017 Reglement 2017
WWW. GASBIJ .NL
Voorwoord: Elke organisatie biedt de mogelijkheid te overnachten voor de race. Deze grond wordt beschikbaar gesteld door mensen uit de buurt. Wij als organisatie hebben en willen een goede verstandhouding met deze mensen houden en daarom vragen wij alle combinerijders de grond en de eigendommen van andere personen te respecteren. Update 9-1-2017 1 Algemeen 1. Het streven is dat de machine zoveel mogelijk op een combine lijkt. 2. Elke combine moet als minimaal herkenningspunt een originele graantank en een originele schuddertunnel hebben. In overleg mogen deze delen aangepast en van een ander merk zijn.  De combine die van oorsprong een afzakinstallatie heeft hoeft geen graantank te hebben. 3. Graanpijpen en andere uitstekende delen, alsmede losse rommel moeten verwijderd worden. 4.  De combine dient aan de voor- en achterkant een trekoog te hebben, doorsnede 10 cm., zodat deze altijd op de juiste plek wordt aangehaakt bij het wegslepen. 5. De maximale snelheid buiten de wedstrijdbaan is 5 km. / uur. 6. In het rennerskwartier dient er een vloeistofdicht zeil onder de combine te liggen. Een oliebadfilter is  sinds 2006 verboden, omdat daardoor de motor op hol kan slaan. 7. Aan beide zijkanten van de combine dient een nummerbord te zitten met een afmeting van 50 x 50 cm. Aan de voorkant een bord met een afmeting van 20 x 20 cm. Voor de standaard klasse: zwarte achtergrond en wit cijfer. Voor de vrije klasse: witte achtergrond en rood cijfer 8. Nieuwe teams moeten een uniek startnummer aanvragen bij de centrale administratie. (www.gasbij.nl) 9. Gebruik van alcohol door de rijders is niet toegestaan. 10. Rijders moeten een overall, een helm met goede sluiting en een nekband dragen. Iedereen moet aan de start verschijnen met de helm op, de gordels vast, een nekband om en een overall aan. Dit moet zowel tijdens de race als bij de remmentest, maar ook tijdens de race als men uitvalt en stil komt te staan. Een gestrande combine op de baan is nog onderdeel van de race en de rijder dient te allen tijde te blijven zitten met de veiligheidsvoorzieningen aan. Pas nadat de race stopgezet of beëindigd is en men de baan heeft verlaten, mogen de veiligheidsvoorzieningen worden losgemaakt. Bij het overtreden en / of niet nakomen van de regels en afspraken, volgt diskwalificatie van de deelnemer in de betreffende manche. 11. Combines mogen pas op de wedstrijddag van de vrachtauto/ dieplader geladen worden. 12. De combine heeft voor grote en achter kleine wielen. Voorwielen zijn niet bestuurbaar. Het is niet toegestaan een wedstrijd achterwaarts te rijden. 13. Wielen, riemen en schijven mogen bij de standaardmachines veranderd worden, het moet wel een riem blijven en geen powerband of kettingen. De laatste riem in de aandrijflijn voor de mechanische versnellingsbak moet de originele enkelvoudige riem zijn van met een maximale breedte van 5 cm. Geen powerband, getande riem, ketting of jointbelt. Dus alleen 1 riem van max. 5 cm. Een normale versnellingsbak of automaatbak is toegestaan mits deze mechanisch wordt aangedreven. Hydrostatische aandrijvingen zijn niet      toegestaan. 14. Dubbelluchtwielen met  bouten of deugdelijk laswerk monteren. Niet alleen met snelsluitingen. 15. De langzamere combine moet de snellere combine de mogelijkheid geven te kunnen passeren. Opzettelijk hinderen of dwarszitten mag niet. Er wordt strenger gecontroleerd op het opzettelijk aanrijden van een andere combine. Indien zich dit voordoet, kan de organisatie de betreffende combine diskwalificeren. Dat wordt aangeduid met een zwarte vlag. 16. Bij alle niet  omschreven regels beslist de wedstrijdleiding. 17. Bij onvoorziende calamiteiten en in gevallen waarin het reglement niet voorziet beslist de wedstrijdorganisatie. 18. Bij twijfel aan de originaliteit kan de organisatie de machine indelen in een andere klasse. 19. Meer respect voor organisatie. Aanwijzingen van de organisatie m.b.t. de baan, het rennerskwartier, de camping en de parkeerweiden dienen te worden opgevolgd. 20. Indien rijder(s) en /of helper(s) een handgemeen aangaan of onbehoorlijk gedrag vertonen worden maatregelen genomen door de organisatie. Dit kan uitsluiting van verdere deelname inhouden. Rijders, bijrijders, fans of monteurs mogen zich niet op het middenterrein begeven. 21. De keurmeesters zijn herkenbaar aan hesjes. 22. Er worden per combine 4 vrijkaarten beschikbaar gesteld. Geen kaart betekent gewoon betalen. 23. Tot één uur na de laatste race van een wedstrijddag is het mogelijk de finishgegevens in te zien bij de jurywagen. 24. Teams welke zich niet aan de regels van de organisatie houden worden voor de hele dag gediskwalificeerd. 2 Rolkooi 1. De rolkooi dient op minimaal 4 plaatsen aan het frame verlast zijn. 2. I.v.m. transport mag deze, indien voldoende stevig, demontabel zijn. 3. Door met de bak van een mobiele kraan tegen de kooi te duwen, moet de machine op de zijwielen te zetten zijn, zonder dat het frame zich zet. 4. Boven het hoofd van de bestuurder dienen bij uitgeveerde stoel op 20 cm. twee voldoende stevige balken in kruisverband te zitten. Ook in de voor en achterkant dient een kruisverband te zitten. 5. De kooi zit bij voorkeur in de midden van de combine. 6. Wanneer deze aan de zijkant van de machine zit, moet de buitenkant dicht gemaakt zijn met 5 mm. dik betongaas met mazen van max. 50 x 50 mm. 7. Aan de binnenkant van de kooi zitten links en rechts een handgreep, zodanig geconstrueerd dat je ledematen nooit buiten de kooi kunnen geraken. 8. Aan twee zijden van de kooi moet een opening zijn van voldoende ruimte, waaruit de bestuurder eventueel kan ontsnappen 9. De rolkooi van de Vrije Klasse combines dienen aan de zijkanten te zijn voorzien van netten om het naar buiten slingeren van ledematen bij kantelen te voorkomen. Dit moeten snel te openen netten zijn met een snelsluiting. 3 Bumpers 1. Voor de pedalen zit een kreukelzone van min. 1 mtr. 2. De verplichte bumper aan de voor- en achterkant (eventueel het verplicht vastgezette maaibord) en de eventuele zijbumpers dienen maximaal op 60 cm. van de bodem tot 90 cm. van de bodem gemonteerd te zijn, met dien verstande dat men met andere machines veilig contact heeft op een hoogte tussen 60 en 90 cm. De achterbumper mag maximaal 75 cm. korter zijn dan de achterkant van de      schuddertunnel. 3. Voor het transport mag de bumper demontabel zijn, mits deze voldoende stevig is. 4. Het maaibord, lees de frontbumper (buitenwerkse maat), mag niet breder zijn dan de maximaal de wiel-spoorbreedte (=buitenkant banden) + 20 cm. 5. De bumpers dienen dusdanig geconstrueerd te zijn dat deze nimmer scherp zijn. De hoeken moeten afgerond zijn en groter zijn dan 135 graden. De bumpers mogen geen schade opleveren voor banden van andere machines. 6. Er mag geen gaas gebruikt worden rondom de cabine. A. minimaal 1,00 m. bumper / kreukelzone voor de pedalen C = 60 cm. D = 90 cm. Bovenaanzicht v/d bumper 4 Draaiende delen 1. Draaiende delen dienen altijd beschermd te zijn tegen het naar buiten slingeren bij eventueel losraken. Denk hierbij goed aan de draaisnelheid en het volume/gewicht van het risicodeel. Eventuele aandrijfschijven dienen afgeschermd te worden met een stalen plaat, zodat er geen delen af kunnen vliegen. 2. Draaiende delen moeten rondom afgeschermd worden met 2 tot 3 mm. dikke ijzeren platen. De poellies mogen niet meer zichtbaar zijn. (Ook aan de onderzijde.) 3. Beugel om cardanassen, zodat deze bij breuk niet rond kunnen gaan slingeren. 5 Gaspedaal 1. Voet- of handgas, in ieder geval terugverend. 2. Bij dieselmotoren dient een extra stopknop (uitzetkabel) aan de voorkant zitten. In de rode kleur ter hoogte van de frontbumper. Hier wordt streng op gecontroleerd. 3. De stopknop (elektrisch bij benzinemotoren) dient aan de voorkant van de machine te zitten, ter hoogte van de frontbumper in de kleur rood. Hier wordt streng op gecontroleerd. 4. Combines moeten zijn voorzien van een afneembare startbeveiliging. Dat betekent een contactslot of startonderbreking, al dan niet in combinatie met de rode stopknop. 5. De startbeveiliging dient ervoor dat niet iemand anders de machine kan starten, en de rode stopknop biedt de mogelijkheid dat iedereen de machine uit kan zetten indien nodig. 6. De (elektrische) noodstop moet ten allen tijden werken; ook bij uitgeschakeld stroomcircuit! 7. De rijder moet ter aller tijden ook zelf de combine uit kunnen zetten vanuit de stoel mét de gordels om! 6 Remmen 1. Remmen moeten goed functioneren op beide wielen en worden voor elke wedstrijd getest. 2. Remmen niet goed betekent geen startgeld en diskwalificatie. 7 Stoel 1. De stoel met hoofdsteun dient deugdelijk te zijn, mag geveerd zijn en moet doorlopen tot de bovenzijde van het hoofd. 2. Voorzien van 4-punts gordel, welke aan de onderzijde deugdelijk is bevestigd aan de stoel. De gordel dient boven tussen de hoofdsteun door achter in de graantank aan het chassis te zijn bevestigd. Hierbij vermijden dat de gordel kan doorschuren. 3. Tevens is nekband  verplicht waarbij de sluiting onder de kin gedragen wordt en het dikke stuk in de nek! 8 Brandstoftank 1. Er mag alleen met benzine of diesel worden gereden. 2. De brandstoftank met max. inhoud van 20 ltr. moet aan de binnenkant gemonteerd zijn 3. Als de combine kantelt mag er geen brandstof uit de tank lopen. Ontluchtingsslang aanbrengen rondom de tank. Dit geld ook voor hydrauliektanks en koelvloeistofreservoirs! 9  Accu 1. De accu dient goed afgeschermd, lekvrij en met een metalen bevestigingsbeugel gemonteerd te zijn. 2. Elke combine moet op eigen kracht zonder hulpmiddelen kunnen starten. 3. De accupolen dienen ook afgeschermd te zijn om kortsluiting te voorkomen. 10 Standaardklasse, geldend voor alle nieuw te bouwen combine’s na Emmeloord 2009. 1. Motor moet origineel zijn of vervangen door een vergelijkbare motor met max. 6 cilinders. 2. Riemaandrijving door originele V-snaar. Indien deze niet meer verkrijgbaar is een vergelijkbare V-snaar gebruiken. 3. Bij de z.g. zijmotoren een dichte plaat aanbrengen tussen de motor en de bestuurder. 4. De minimale constructiehoogte van een standaard combine is 2.75 mtr. (Uitzondering: standaard combines die gebouwd zijn voor de jaarvergadering van 27 november 2009.) 5. Gewichtsgrenzen standaard klasse: 4.000 - 6.000 kg. 6. Bovengrens gewicht standaard klasse max. 7.500 kg. voor bestaande machines. 7. De uitlaat van de combine dient naar boven te zijn gericht. 8. De brandstof waarop de combine rijdt moet een brandstof zijn die gewoon aan de pomp verkrijgbaar is. 9. Er mag maximaal 20 ltr. brandstof aanwezig zijn in de combine. 11 Vrije klasse, geldend voor alle nieuw te bouwen combine’s na Emmeloord 2009. 1. Alles wat niet in standaard en special klasse valt. 2. Geveerde assen zijn toegestaan. 3. Vrije motorkeuze. 4. Maximaal 1 motor. 5. De keuze tussen 2 of 4 wielaandrijving is vrij. 6. Volledig afveren van de combines is vrij. 7. De keuze van dubbellucht op de assen is vrij. 8. Bandenhoogte op de vooras minimaal 90cm, maximale maat is vrij. 9. De bandendiameter van de achteras moet minimaal 30 cm lager zijn ten opzichte van de bandendiameter van de vooras. 10. De minimale constructiehoogte van een vrije klasse combine is 1.90 mtr. 11. De combine moet een minimum gewicht hebben van 2.000 kilo (zonder bestuurder en demontabele gewichten ).Uitzondering is combine nummer 19, zolang dit team geen drastische wijzigingen doorvoert. 12. De combine mag maximaal 4.000 kilo wegen. Uitzondering is combine nummer 54, zolang dit team geen drastische wijzigingen doorvoert. 13. Remmen op de vooras zijn verplicht, remmen op de achteras zijn (nog) niet verplicht. 14. De brandstof waarop de combine rijdt moet een brandstof zijn die gewoon aan de pomp verkrijgbaar is. 15. Er mag maximaal 20 ltr. brandstof aanwezig zijn in de combine. 12 Dames klasses 1. Elke damesklasse krijgt een dagprijs in de vorm van een beker. Één voor de standaard klasse en één voor de vrije klasse. 2. De hoogst geplaatste dame van alle wedstrijden in elke klasse krijgt de wisselbeker. 3. Er is 1 manche voor de dames klasse, bij vooraf gaande voldoende deelname zouden standaard klasse en vrije klasse apart gehouden kunnen worden, indien gezamenlijke race 30/40 meter achter elkaar laten starten ( startrij 2 vrij laten). 13 De baan 1. De rijders rijden tegen de klok in. 2. Voor de vrije klasse moet de baan vlak zijn. 3. Ter bescherming van het publiek zal er een grondwal om de baan gemaakt worden, in de bochten extra. 4. Minimale baanbreedte is 10 mtr. In de bochten en bij de start minimaal 15 mtr. breed. 14 De Keuring 1. Minimaal 2 uur voor aanvang van de wedstrijd moeten de machines afgeladen en keuringsgereed zijn i.v.m. een tijdige aanvang van de wedstrijden. 2. Voor aanvang van de wedstrijd worden alle machines gekeurd. 3. De rijders dienen tijdens de keuring, dus voor aanvang van de wedstrijd, bij hun machine aanwezig te zijn tot dat deze gekeurd is. 4. Bij eventuele ongevallen tijdens de wedstrijd zal er opnieuw een keuring zijn indien de wedstrijdleiding dit wenselijk acht. 5. Er zal een steekproef worden afgelegd na de 1ste manche, dit i.v.m. de veiligheid. 15 Reglement 1. Als een combine op z’n kant gaat wordt alles stopgezet. De nog rijdende machines blijven op hun plaats staan. De gekantelde machine wordt recht op gezeten mag weer herstarten van dezelfde positie waar hij reed, ook de eventueel daarvoor tijdens de wedstrijd in de greppel belande machines worden eruit gehaald. Wanneer deze machines weer binnen de 2 minuten starten mogen ze weer meedoen en wordt de wedstrijd voortgezet. 16 Start 1. Iedere deelnemer kan 3 manches rijden. ( dit geldt niet voor damesklasse ) 2. Er wordt naast elkaar gestart volgens de startopstelling. Indien het startveld te smal is op meerdere rijen. In de eerste 2 manches wordt links vooraan begonnen met de opstelling volgens het schema. In de 3e manche mogen de combines zelf hun startpositie kiezen, waarbij combine met de meeste punten uit de eerste 2 manches de eerste keus heeft gevolgd door de tweede enzovoort.       3. Indien men niet op tijd aan de start kan verschijnen in de eerste groep van een manche (door bijvoorbeeld een reparatie), dan mag men niet starten in de volgende groep. Mocht een machine binnen enkele minuten wel aan de start kunnen verschijnen in de bestemde groep, dan kan in overleg met de organisatie een paar minuten uitstel van de start gevraagd worden. Lukt dit niet dan doet men pas in de volgende manche weer mee! 4. Er zal zoveel mogelijk worden voorkomen dat men tegen dezelfde machines rijdt. 5. Er komen ongeveer 10 combines per manche aan de start. Bij te weinig deelname of te veel uitvallers gaan de rijders bij elkaar in één serie. (Indien er minder dan 5 in een serie overblijven) 6. Er wordt gereden volgens een vooraf aangegeven aantal ronden, tenzij de wedstrijdleiding aangeeft dit anders te doen. 7. Punten worden toegekend op volgorde van binnenkomst. 8. Bij gelijk eindigen met eenzelfde puntentotaal is de winnaar van de laatste manche de dagwinnaar. Dit geldt ook voor de plaatsen 2 en 3.Puntentelling geschiedt per manche volgens de volgende puntentoekenning; 1e = 20 pt. 2e = 16 pt. 3e = 13 pt. 4e = 11 pt. 5e = 9 pt. 6e = 7 pt. 7e = 5 pt. 8e = 3 pt. 9e = 0 pt. enz. Voor het NK worden alle wedstrijden meegeteld. 9. Op het rennerskwartier zal een dagindeling aanwezig zijn, zodat iedereen weet wanneer hij / zij ongeveer moet rijden. 10. In de laatste serie van de 3e manche rijden de beste rijders van de 2 voorgaande manches tegen elkaar. De eerste 10 rijders krijgen allemaal 20 punten extra als bonus. Dit geldt zowel voor de standaard combines en voor de vrije klasse combines. 11. Indien er voor de langzame groep te weinig combines overblijven (= minder dan 5 combines), dan starten deze in een aparte rij achter de 10 snelste combines. Deze worden dan wel apart beoordeeld. 12. Bij een valse start wordt er opnieuw gestart en krijgt de veroorzaker één herkansing op de achterste startrij! Veroorzaakt deze rijder een tweede valse start dan volgt diskwalificatie voor de betreffende manche. 13. Herstart bij rode vlag: Bij een rode vlag dient direct te worden gestopt. Bij een rode vlag in de eerste ronde volgt er een herstart vanaf de startlijn. Vanaf het moment dat alle rijdende deelnemers een eerste doorkomst hebben gehad, vindt er een herstart (kopstart) plaats vanaf de positie waar de voorste combine zich op het moment van de rode vlag bevond. Hierachter sluit de rest zich bumper aan bumper aan in de volgorde van de laatste geregistreerde doorkomst bij de jury. 14. Bij alle wedstrijden zal een 15 sec. bord worden gehanteerd. Binnen die 15 sec. wordt er gestart. 15. Bij alle wedstrijden zal een rondentelbord aanwezig zijn. 16. Na het finishen van de winnaar is de wedstrijd voorbij en verlaat iedereen na het afvlaggen direct de baan. 17. Bij een rode vlag tijdens de finish in de laatste ronde, worden de posities van de combines die nog niet zijn afgevlagd aangehouden waar ze zich bevonden op het moment van het vallen van de rode vlag! De wedstrijdorganisatie beslist hierin. 17 Deelname 1. Deelname kan alleen wanneer men een uniek startnummer heeft. 2. nschrijving kan alleen via www.gasbij.nl 3. Inschrijvingen moeten minimaal 3 weken voor aanvang van de wedstrijd binnen zijn bij de organisatie. 4. Tenzij de betreffende organisatie dit anders heeft vermeld, dient elke combine 2 uur voor aanvang van de wedstrijd aanwezig te zijn. 18 Vlaggen 1. Rood is stop 2. Geel is oppassen, gevaarlijke situatie 3 Zwart is diskwalificatie, direct de baan verlaten